Dakloze

Natuurlijk herinner ik me dat ik lang geleden een armoezaaier geld heb gegeven voor eten. Dat was in Rotterdam, toen rond middernacht een reusachtige Ghanees mij aansprak. Hij zei dat hij een eerlijk mens is en honger heeft. Hij wil niet uit stelen. Twee Euro voor een broodje kaas zou zijn honger stillen. Na het cashen maakte hij een buiging, gaf me een hand en beloofde dat God me zal belonen. De volgende dag op kantoor werd ik voor gek verklaard dat ik hem geld heb gegeven.

Vanaf een zonnig zitje bij McDonald’s aan de Kurhausweg in Scheveningen kijk ik naar de honderden voorbijgangers. Iedere keer weer opnieuw verwondert me de bonte stoet. Dik, dun, groot, klein, jong, oud, wit, zwart. In vrijetijdskloffie, op z'n zondags, exotisch, rollator, eenling, gesluierd, scootmobiel, kinderwagen, wandelstok, rolstoel, baard, hand in hand, hoofddoekje, blije kinderen. Allemaal op weg naar vermaak. De boulevard, de terrasjes, de Pier, het strand. 

In mijn oortjes klinkt muziek van Carlos Cunha. Een fadisto waar ik op mijn laatste Portugese vakantie in hotel Vasco da Gama intens van heb genoten. Pure fado. Ik kon het niet laten na afloop zijn cd te kopen. Uiteraard gesigneerd met een paar sympathieke woorden van Carlos voor Wim. Blij als een kind gaf hij me een hand en bedankte me wel vier keer.

Mijn feelgood gevoel wordt verstoord als een man met een glimmende Gazelle aan zijn hand me aanspreekt. "Meneer, ik ben dakloos," zegt de man van rond de dertig in donker kostuum, wit overhemd en blauwe stropdas, "heeft u voor mij geld voor een burger met een milkshake?" Ik denk, je kan de pot op, maar zeg dat ik geen cent op zak heb. "Meneer, u kunt bij de Mac gewoon pinnen," laat hij zich niet uit het veld slaan. "Wat een prachtig ding, die sportfiets van u. Eenentwintig versnellingen en een Deore derailleurgroep? Zeker niet goedkoop geweest," daag ik hem uit. Hij kijkt me aan, maakt een wegwerpgebaar en verdwijnt in de menigte dagjesmensen. 

Een kwartiertje later zie ik de dakloze, ditmaal zonder fiets, te midden van een joviale familie met Surinaamse roots bij de entree van de Mac. Hij draait zijn hoofd om en werpt me triomfantelijk een blik toe. 

Wim Quist

Column overzicht