Persoonlijke hulpmiddelen
U bent hier: Home Ingezonden stukken Goud randje
 
 
 
 
Document Acties

Goud randje

door Redactie TVBol geplaatst Laatst gewijzigd: 05-09-2011 00:11

“Hoi opi, ik ben er”, roept ze terwijl ze met een noodvaart op me af vliegt en in mijn armen ploft. “Hallo Dionne. Wat leuk dat je er bent. Waar is je zusje?”, vraag ik. “Juliëne is naar een partijtje. Die kon dus niet komen kijken”.

dionneIedere keer opnieuw is het genieten als die kleine meid zich in mijn armen stort. Voor mij het ultieme opagevoel. En dat vlak voor mijn finalepartij van de clubkampioenschappen tegen René. Bij het inspelen zie ik dat mijn halve familie en mijn tennismaatjes op de tribunebanken bij baan drie een plekje hebben weten te bemachtigen. Het is er een gezellige drukte omdat ook inmiddels volop fans van René zijn gearriveerd om hun favoriet aan te moedigen.

 

Zonder dat het in mijn bijzijn hardop is gezegd, durf ik er gif op in te nemen dat vrijwel iedereen uit mijn omgeving verwacht, dat titel in de zeven 45+ voor mij een eitje zal zijn. Dat lees ik aan hun gezichten af en dat voel ik. Maar mijn lief Elly en ik weten wel beter. ’s Morgens heeft ze namelijk mijn rug, die hartstikke op slot zit, stevig onder handen moeten nemen om mij overeind te kunnen takelen. Ook is ze behulpzaam geweest om mijn sokken en tennisschoenen aan mijn voeten te krijgen. Hulde aan haar, omdat ze daarmee de belofte van zorgzaamheid in voor- en tegenspoed, die ze ruim 42 jaar geleden plechtig in het Voorburgse stadhuis heeft afgelegd, gestand heeft gedaan. Mijn betonrug is overigens de tol die ik moet betalen voor mijn ‘jeugdige’ overmoed. Met negen partijen in elf dagen heb ik namelijk geen enkele vorm van eerbied voor mijn grijze haren getoond.  

 

“Opa, ik kom naar jou kijken hoe jij het doet, dat tennissen. Want ik wil later net zo goed worden als jij”, babbelt Dionne gezellig vlak voor het begin van de wedstrijd. Ze is nog maar vijf jaartjes oud, maar ze heeft heel wat praatjes voor haar leeftijd. “Je gaat winnen opa, dat weet ik zeker. Jij wordt de kampioen”. Ondanks deze mentale opkikker wil het maar niet vlotten tegen René. Ik klamp me echter vast aan de hoop dat het in de loop van de set met mijn rug recht zal kom. “Als René me maar de tijd gunt om ‘m los te spelen. Dat kreng zal toch wel een keer gaan scharnieren”, borrelt het in mij bij een kansloze 1-4 achterstand.

 

“Kijk eens wat een mooi zwaard ik hier heb, oop”, komt Dionne weer bij me bij het wisselen van kant en laat me haar stoere ridderzwaard zien. “Van mama hoorde ik dat je achter staat. Geeft niet hoor want je wint toch wel”, coacht ze me bemoedigend. “Kom op opa, zet ‘m op”. ’t Lijkt wel of ik na de oppepper van mijn kleindochter me een stukje beter kan bewegen en het langzaam maar zeker de goede kant uit gaat. Dat voel ik niet alleen aan mijn water.

 

Bij de stand 2-5 komt de kleine meid weer naar me toe en vraagt of ik na afloop nog even met haar wil tennissen in het hok. Dat hebben we wel vaker gedaan en Dionne vindt dat hartstikke gaaf, dat tennissen met haar opa. “Dionne, de partij is nog lang niet afgelopen, maar als het zover is gaan we nog even het hok in. Afgesproken?” “Ja opa, dan zal ik voor je duimen dat het snel afgelopen is. Is dat goed?”, vraagt ze me serieus. Al eerder is me opgevallen dat, hoe klein ze ook is, ze iets zorgzaams in zich heeft. Nooit zal ik vergeten toen ze ongeveer een jaar geleden minuten lang zachtjes over Elly’s moeders hand heeft staan wrijven toen die behoorlijk ziek was en wezenloos in haar relaxstoel zat. Aandoenlijk was het om te zien, hoe het kleine ding bezig was het verschrompelde oudje van 92 op te beuren en er zowaar in slaagde een flauwe glimlach op het gelaat van oma To te toveren.

 

Zoals gehoopt, lukt het me stapje voor stapje beter te gaan bewegen en in het verlengde daarvan beter te gaan spelen. Langzaam maar zeker kruip ik naar René, die overigens prima staat te tennissen. Hij heeft geen flauw benul van wat er aan de hand is. Wel heb ik hem een paar keer verbaasd zien kijken toen ik ogenschijnlijk haalbare ballen liet lopen. Regelmatig verrast hij me met een versnelling in zijn backhand waar ik op dat moment absoluut geen antwoord op heb. Een slag om jaloers op te zijn, die backhand van hem. Bij een schitterend punt van René hoor ik Dionne plotseling vanaf de kant roepen: “dat doe je niet meer hè”. Ongetwijfeld was de aanleiding van haar opmerking mijn grapje van een paar minuten geleden toen René weer eens met zijn machtige backhand had gescoord. Vriendelijk doch dringend heb ik hem toen verzocht dat nooit meer te doen.

 

Bij de stand 3-5 plaag ik mijn opponent met een gluiperig, flinterdun dropshotje. Zo’n onmogelijk balletje dat morsdood valt en waar hij vol voor uit de startblokken moet. “Au”, hoor ik hem roepen. “Hamstring, maar het gaat wel. We gaan gewoon door. Niks aan de hand”, zegt hij als een echte Hollandse jongen. Eigenlijk zijn vanaf dat moment de rollen omgedraaid. Ik begin steeds beter in mijn element te komen terwijl hij het steeds moeilijker krijgt met zijn spierblessure. Logisch dat de wedstrijd kantelt en ik via de tiebreak alsnog de eerste set op mijn naam schrijf. Een kind kan zien dat René wel heel graag wil, maar eigenlijk niet meer uit de voeten kan.

 

“Kijk dan oop, ik heb een ijsje van oma gekregen en ik heb ook alvast een racket bij Marcel gehaald voor straks in het hok. Mama zegt dat je nu gemakkelijk gaat winnen van die meneer. Dan krijg je een grote gouden beker. Die heb ik binnen gezien. Ze staan allemaal op een grote tafel. Wat zijn ze mooi zeg, die gouden bekers. Daar zou ik er best ook wel een van willen hebben voor in mijn kamertje. Oh ja Opa, je moet ‘hoppa’ roepen”, adviseert ze me bij de stand 5-0 in mijn voordeel. ‘Hoppa’ is namelijk de kreet die ik slaak bij het serveren als ik serieus van plan ben een ace te gaan slaan.

 

Veel respect heb ik voor René die onder geen beding van opgeven wil weten. Pas bij het vijfde matchpoint capituleert hij en gaat hij in de ongelijke strijd met 1-6 kopje onder. Jammer voor Dionne dat er bij de prijsuitreiking geen grote ‘gouden’ beker voor mij inzit. Dat is vandaag de dag voor senioren nostalgie en da’s maar goed ook. De beslist niet krenterige VVV-bon heeft, wat mij betreft dankzij Dionne, een goud randje. Met dank aan haar voor haar ontwapenende support. Om nooit te vergeten!

 

Opa Wim

 

Powered by Plone CMS, het Open Source Content Management Systeem

Deze site voldoet aan de volgende standaarden: